|
"100 jaar Berchem Sport": Stranger Nest
En de supporters, ‘k kan vertellen, me hun toeters, hun vlaggen en hun bellen. Die zingen ’s avonds in de kroeg: den Barechoem is een wereldploeg!
Nest Adriaensen, zanger van deze wijze woorden en tevens lid van de bekendste band van de Metropool was één van de hoge gasten op de boekvoorstelling. Wij praatten met hem over zijn liefde voor geelzwart en het alombekende supporterslied, 'Ollekenbolleke' (hier te beluisteren op onze facebook-pagina).

Stranger, en Barechoem-supporter. Komt u nog vaak kijken?
Nest Adriaensen: "Vroeger kwam ik vaak kijken, toen ik jonger was. Nu is het veel minder geworden, maar ik volg nog altijd alles in de gazet. Alles van den Barechoem hé, ik kan er niet tegen als mensen onzen Barechoem, Berchem noemen. Een tijdje geleden, toen ik hier nog eens was, hoorde ik iemand achter mij in de tribune Komaan Berchem roepen. Dat is schandalig, het is Alléé Barechoem!"
U hebt ooit samen met de spionkop een liedje opgenomen. Wat herinnert u zich daar nog van?
Nest: "Zeker en vast, een supportersliedje hé. De spionkop stond toen mee in de studio, met toeters, bellen, vlaggen en heel den boel. Dat was bangelijk! De producer van Deca, Alfons van Dam, vroeg of ik geen plaat wou maken over den Barechoem. Hij was trouwens ook producer van de Strangers, dus ik kende hem goed. Hij vroeg of ik niet wat leden van de spionkop kon vragen of ze mee wilden doen. Ik heb hier lang een café gehad, in Berchem, dus ik kende veel van die gasten. Wij dus met een hele hoop naar de studio. Iets dat ik nooit zal vergeten, we staan daar met twintig man in de studio. Die beginnen daar te zingen en ik zit met Fons van Dam in de cabine. Nu was daar toch ene tussen die echt niet kon zingen, echt vals was ’t. Ik moest dat er tegen gaan zeggen, zeg ik dat toch wel tegen de verkeerde zeker! Die jongen ging, ocharme, vanachter staan, en hij was achteraf bekeken nog één van de enigste die juist zong."
Wat zal u altijd bijblijven, van den Barechoem? Wat zal u nooit vergeten?
Nest: "Wel, ik ben geboren in 1941. Het jaar dat Barechoem bijna kampioen speelde, ging ik voor de eerste keer kijken. Ik herinner me nog dat er hier één agent was, de vader van Ludo Coeck. Eén agent, voor zoveel volk. Dat is tegenwoordig ondenkbaar. Dat seizoen in ’t algemeen was om nooit te vergeten. Als ik dat vergelijk met nu, als ze morgen niet winnen (Berchem speelde de dag na dit interview de levensbelangrijke wedstrijd tegen Wijgmaal, jb), en naar provinciale moeten... Ik durf er gewoon niet aan denken. Het is niet omdat ik niet zo vaak meer kom kijken, dat ik het niet meer volg met hart en ziel. Elke maandagochtend is dat het eerste dat ik doe, zien wat den Barechoem heeft gedaan."
Stel, we staan in de (hopelijk nabije) toekomst op kop. En we kunnen kampioen spelen, dat bent u er toch bij?
Nest: "Natuurlijk, en dan zullen we terug met veel zijn. Dan zal het hier terug vol zitten, zoals het hoort. Ik ben groot gebracht met den Barechoem, het zal altijd mijn ploeg blijven. Daar is niets aan te doen."
|